Het uiterlijk


De kleur

De studie van een whisky begint bij het analyseren van de kleur. Dit kan best gebeuren tegen een neutrale witte achtergrond met eventueel een kleurkaart bij de hand. Het kleurenpalet van whisky gaat van heldere gin via sherry-, stro- en kopertinten tot zwarte koffie met elke denkbare bronsgouden schakering ertussen.


Whisky is doorzichtig als hij in het vat wordt gegoten en tijdens de rijping krijgt hij zijn kleur van het hout. De kleur van het monster zal u dus iets over het fust vertellen waarin de whisky is gerijpt en over de duur van de rijping. Al moet gezegd worden dat sommige malts en blends uit commerciële overwegingen met karamel bijgekleurd worden.

Toch dient opgemerkt dat de kleur van een whisky niet noodzakelijk aan de smaak refereert. De kleur kan in dit verband hooguit een indicatie geven. Er bestaat in tegenstelling tot bijvoorbeeld wijn dus geen typische lichte of donkere kleursmaak.


Hoe langer de rijping, hoe dieper de kleur. Maar pas op, refilled casks, met name bourbon hout, geven zelfs na lange tijd weinig kleur af, terwijl voor het eerst gebruikte olorosovat na vijf jaar al een amberkleur tot stroopkleur kan geven.


De structuur

De body of de structuur wordt “licht”, “medium” of “vol” genoemd aan de hand van de mondbeleving en het uiterlijk.

 De analyse gebeurt door het glas lichtjes te walsen of het glas onder een hoek van ongeveer 45° zachtjes over de arm te rollen. Indien je hard walst worden de meeste elementen van de wand gespoeld. Terwijl het monster weer tot rust komt, zijn tegen de glasrand druppeltjes met staartjes te zien. Die noemt men legs. Zo kan men aan de vorming van de legs in het glas de dikte of volheid van de whisky bepalen.

Lange legs wijzen op een hoog alcoholgehalte en legs die maar traag verdwijnen wijzen op oliën die de drank steviger en voller maken. Een lichte waterachtige whisky is afkomstig van een pot still met een lange nek waarin de neerslag van de alcohol op de condensor pas laat gebeurt, nadat zelfs een gedeelte al in de nek condenseert en terugloopt. Resultaat is een mooi, zuiver en licht distillaat. Een volle whisky, olieachtig en stroperig, duidt op een heel korte pot still met een snelle neerslag van de alcohol. Dit betekent dat hier nog vrij veel kleine deeltjes van de alcohol mee condenseren, wat overigens geen afbreuk doet aan de kwaliteit en eerder een volle smaak geeft. Uiteraard heeft ook de leeftijd na rijping invloed op de structuur van de whisky..





Referentiedocumenten

  1. Malt whisky - Charles MacLean- Uitgeverij Bosch & Keuning - ISBN 90 246 042 73
  2. "Whisky" - Bob Minnekeer - Stefaan Van Laere - Lannoo/Schuyt & co - ISBN 90 209 3452 X
  3. "De Standaard Magazine - 1 maart 2008
  4. "Whisky Geclassificeerd - David Wishart - Uitgeverij Het Spectrum bv - ISBN 90 274 8737 5 - NUR 447
  5. "Malt Whisky Companion - Michael jackson - Uitgeverij Dorling Kindersley - ISBN 0 7513 0708 4